8 / 10
Hartproblemen bij borstkanker, hoe groot is het risico?

Hartproblemen bij borstkanker, hoe groot is het risico?

Het komt gelukkig weinig voor, maar een behandeling van borstkanker kan hartproblemen geven. Het risico is lang niet bij iedereen even groot. Bovendien doen oncologen, cardiologen en radiologen er samen alles aan om die problemen te voorkomen of te behandelen. Cardioloog Lourens Robbers en interventiecardioloog Yolande Appelman leggen uit.

De laatste jaren is er veel aandacht voor de samenhang tussen behandeling van kanker en hartziekten: de cardio-oncologie. De schatting is dat van alle borstkankerpatiënten 3 tot 5% hartklachten krijgt. Er gebeurt gelukkig steeds meer om deze hartklachten te voorkomen en te behandelen.

Risico-inschatting

‘Lang niet iedere patiënt loopt risico op hartproblemen’, vertelt Lourens Robbers, cardioloog met aandachtsgebied cardio-oncologie bij Amsterdam UMC. ‘Maar iemand met bijvoorbeeld een hoog cholesterol, hoge bloeddruk, overgewicht, die rookt, wat ouder is en weinig beweegt, loopt meer risico. Oncologen kijken daar nu veel meer naar dan vroeger. Met zo’n risico-inschatting vooraf, kunnen zij hartproblemen zo veel mogelijk voorkomen of tijdig laten behandelen.’

Om welke hartproblemen gaat het? Waardoor komen ze? En wat valt ertegen te doen?
Robbers: ‘De operatie aan de borst geeft geen hartklachten. Het gaat om de aanvullende behandelingen: chemotherapie, hormoontherapie, immunotherapie en bestraling.’ Laten we ze alle vier langslopen.

Chemotherapie en het hart

Robbers: ‘De chemo bij borstkanker kan de hartspier aantasten, waardoor het hart minder goed pompt. Ook zijn er soorten chemo die niet goed zijn voor de vaten. Maar vooral die verminderde pompfunctie kan hartfalen veroorzaken. Dat merk je aan kortademigheid. En ook aan dikke benen en voeten aan het einde van de dag, doordat je vocht vasthoudt. Of een vol gevoel door vocht in je buik, waardoor je minder trek hebt in eten. Soms ben je sneller duizelig bij het opstaan. Krijg je dit soort klachten, meld dat dan vooral bij je behandelaar. Lastig kan zijn dat je je door de behandelingen al niet goed voelt. Wees toch alert op deze bijkomende klachten en denk niet te snel dat ze wel van de chemo zelf komen. Bovendien kunnen klachten ook na tien jaar nog komen’, Yolanda Appelman, interventiecardioloog bij Amsterdam AMC aan. ‘Denk niet te snel: “die behandeling is al zo lang geleden”. Neem klachten altijd serieus als ze niet overgaan.’

Beschermende medicijnen

Is er een behandeling? Robbers: ‘Dat verschilt per patiënt, afhankelijk van het genoemde risico. Bij een laag risico is er misschien niets nodig. Bij hoog risico kunnen we vooraf bloeddrukverlagers inzetten, om de hartspier alvast te beschermen. Zodra we een mindere pompfunctie zien, kunnen we sowieso met medicijnen de hartspier beschermen. Bijvoorbeeld met ACE-remmers, dat zijn ook een soort bloeddrukverlagers of beta-blokkers, medicijnen tegen hartritmestoornissen. Bovendien doen we nu onderzoek naar een mogelijk beschermend medicijn tegen de schadelijke stof Doxorubicine die in sommige chemo’s zit. Verder volgen we risicopatiënten op de voet. En overleggen we waar nodig met de oncoloog over bijvoorbeeld een ander ritme in de chemotherapie, een pauze inlassen, ook om die beschermende medicijnen goed de kans te geven, of om bijvoorbeeld voor andere chemotherapie te kiezen. Er zijn veel mogelijkheden.’

Hormoongevoelige en HER2-positieve borstkanker

Bij hormoongevoelige tumoren krijgt de patiënt vaak hormoonremmers. Die geven een iets verhoogd risico op hart- en vaatziekten. De behandeling van HER2-positieve borstkanker is volgens Robbers lastiger. ‘Deze behandeling kan de hartspier beïnvloeden. Bij deze patiënten controleren we daarom om de paar maanden meteen echo de hartspier om tijdig in te kunnen grijpen met beschermende medicijnen. Zien we plotselinge verslechtering, dan kunnen we samen met de oncoloog en de patiënt besluiten om bijvoorbeeld een pauze in te lassen, of om een alternatief te zoeken als de behandeling te gevaarlijk blijkt voor het hart.’

Immunotherapie

Robbers: ‘Immunotherapie is een krachtige behandeling die het eigen immuunsysteem activeert om de tumorcellen beter te herkennen en aan te vallen. Het komt zelden voor, maar er is een kleine kans dat het immuunsysteem zich daardoor tegen het eigen hartspierweefsel keert. Als je plotseling onduidelijke klachten krijgt na immunotherapie, raad ik aan dit te bespreken met je behandelaar.’

Bestraling en het hart

Een vierde behandeling die invloed kan hebben op het hart is radiotherapie, de bestraling. Robbers: ‘Directe straling op het hart is schadelijk voor de hartspier. Ook kunnen de hartkleppen en de kransslagaderen op het hart er sneller door slijten. Zelfs op lange termijn kan dat klachten geven.’

Radiologen hebben steeds meer technieken om dat te voorkomen. Zo kunnen ze de straling steeds scherper op de tumor richten, zonder het hart te raken. Daarbij helpt het bijvoorbeeld als de patiënt tijdens de bestraling kort de adem inhoudt. Dan zakt het hart net buiten de straal.

Andere signalen bij het vrouwenhart

De hartproblemen kunnen bij zowel mannen als vrouwen vóórkomen. Toch vraagt het vrouwenhart extra aandacht. Vooral omdat de signalen bij vrouwen vaak anders zijn dan bij mannen. Drukkende pijn op de borst, uitstraling naar de arm of naar de kaken wijzen op hartproblemen. Maar dat is vooral bij mannen.

Robbers: ‘Vrouwen krijgen pijn tussen de schouderbladen en meer een bandgevoel, alsof de bh te strak zit. Het is daarom belangrijk dat vrouwen vooral alert zijn op deze en andere signalen, zoals het genoemde vocht vasthouden, of als je bijvoorbeeld ’s nachts vaker naar het toilet moet. Of als je ineens veel moeite hebt de trap op te komen. Kortom, als je nieuwe klachten krijgt die je niet kunt plaatsen, neem dan contact op met je behandelaar.’

‘Vrouwen kunnen ook wel hartklachten met pijn op de borst krijgen door slagaderverkalking door ouderdom, maar zij krijgen dat gemiddeld tien jaar later dan mannen’, vult Appelman aan. Appelman is gespecialiseerd in het vrouwenhart. ‘Vooral bij jongere vrouwen komen de hartklachten door verminderde werking van de vaten, zoals spasmen, krampjes. En dat geeft andere en vaak meer signalen zoals ook Robbers noemt. De traditioneel ‘mannelijke’ klacht van pijn op de borst valt vaak minder op dan de andere klachten. Ook overgangsklachten kunnen hartklachten verhullen. Die lijken er soms op.’

(Vervroegde) overgang extra risico?

Na de overgang lopen vrouwen meer risico op hartklachten. De beschermende werking van het geslachtshormoon oestrogeen verdwijnt dan. ‘Oestrogeen houdt de vaatwanden soepel’, vervolgt Appelman. ‘Na de overgang (zo rond je 51ste) heb je dat niet meer, waardoor veroudering van onder andere de slagaderen optreedt.’

Dat gebeurt ook bij vervroegde overgang, zoals door het preventief verwijderen van de eierstokken, bijvoorbeeld bij erfelijke borstkanker.

Appelman: ‘Lang was het idee dat bij vervroegde overgang door eierstokverwijdering het risico op hart- en vaatziekten nog iets groter is dan bij de natuurlijke vervroegde overgang. Uit recent onderzoek blijkt nu dat dit niet zo is.’

Waarom hebben vrouwen die van nature vroeg in de overgang komen dan wel dat verhoogde risico op hart- en vaatziekten? Dat blijkt nog niet helemaal duidelijk.
‘Het zou kunnen dat de overgang bij deze groep vrouwen niet de óórzaak is van slagaderverkalking, maar dat vroege overgang en slagaderverkalking beiden dezelfde oorzaak hebben: vroege veroudering’, aldus onderzoeker Maarten Beekman in het persbericht over dit onderzoek.

Wat je zelf kunt doen

Wat kunnen patiënten zelf doen om hartproblemen door de behandeling zoveel mogelijk te voorkomen? Robbers: ‘Zorg goed voor jezelf. Eet gezond, stop met roken, wees voorzichtig met alcohol en probeer in beweging te blijven.’ Appelman vult aan: ‘Ken je getallen. Vrouwen zijn vaak heel alert op hun gewicht. Maar let vooral ook op je cholesterol, je bloeddruk en suikerspiegel.’

Samen de balans vinden

Robbers: ‘Denk niet dat je na de behandeling van borstkanker grote kans hebt om hartpatiënt te worden. Het risico is echt klein, maar het is zonde als je dat mist en tijdig had kunnen ingrijpen. Niet elke patiënt hoeft langs de cardioloog. Het gaat om het besef, bespreek het zo nodig met je behandelaars. Stel gerust vragen in de spreekkamer. Om samen de balans te vinden tussen de meest effectieve aanpak van de tumor en veiligheid voor het hart.’ Appelman besluit: ‘En leef gezond!’